
Je herkent de belangrijkste bladvormen en bladranden.
Je benoemt verschillende bloementypen.
Je beschrijft de opbouw van een bloem.
Je herkent verschillende soorten knoppen.
Je benoemt het verschil tussen xyleem en floëem.
Je herkent de belangrijkste bladvormen en bladranden.
Je benoemt verschillende bloementypen.
Je beschrijft de opbouw van een bloem.
Je herkent verschillende soorten knoppen.
Je benoemt het verschil tussen xyleem en floëem.